Sanerende ooroperatie

Wanneer geeft de KNO-arts het advies voor een sanerende operatie

Als er een bepaald type oorontsteking wordt vastgesteld dat cholesteatoom wordt genoemd. Een cholesteatoom kenmerkt zich door het naar binnen groeien van het trommelvlies en opzameling van huid en wordt altijd geopereerd.

Als een chronische oorontsteking niet of onvoldoende reageert op antibiotica in de vorm van oordruppels of tabletten/suspensie/infuus.

Als een acute middenoorontsteking een gecompliceerd beloop heeft (‘mastoiditis’ genoemd) en er onvoldoende resultaat is van behandeling met antibiotica (en eventueel een trommelvliesbuisje).

Waarom opereren

Bovengenoemde oorontstekingen hebben (op termijn) het risico op ernstige complicaties zoals

  • uitval van het gehoor of evenwicht aangezichtsverlamming
  • hersenvliesontsteking
  • hersenabces
  • ontsteking en thrombosering van een belangrijk afvoerend bloedvat

Het doel van een sanerende ooroperatie is om het oor zodanig schoon te maken dat dit soort complicaties niet kan optreden. Een sanerende ooroperatie heeft niet per se tot doel het gehoor te verbeteren, maar bij het wegblijven van ontsteking en herstel van het trommelvlies is gehoorverbetering in de regel goed mogelijk. Zie hiervoor de sectie gehoorverbeterende operaties.

Hoe wordt de operatie uitgevoerd

De KNO-arts zal meestal kiezen om een snede (incisie) te maken achter de oorschelp. Zodoende wordt toegang verkregen tot zowel de gehoorgang en het trommelvlies als het bot achter het oor (het mastoid). Dit is nodig omdat het mastoid vaak betrokken is in de ontsteking. Er zal dus zowel naar het gebied van trommelvlies en middenoor als het mastoid worden gekeken. Dit laatste gebeurt door het openmaken van het bot met een frees. Onder het operatiemicroscoop zal vervolgens de ontsteking worden verwijderd. Hierbij zal altijd gestreefd worden naar het behoud van alle belangrijke structuren van het oor, zoals de gehoorbeentjes en de smaakzenuw. Soms zijn de hiervoor genoemde structuren echter dusdanig betrokken in de ontsteking dat de (deels) moeten worden verwijderd. Dit zal met name bij cholesteatoom het geval zijn. Het gehoor kan dan zelfs minder zijn dan voor de operatie.

Ook kan het zijn dat bij een zeer uitgebreid of steeds terugkerend cholesteatoom wordt gekozen voor een zogenaamde ‘radicale’ ooroperatie. Bij dit type operatie worden gehoorgang en mastoid met elkaar verbonden door de achter- en bovenwand van de gehoorgang te verwijderen. Het voordeel van deze operatie is dat het oor en de mastoidholte gecontroleerd en schoongemaakt kunnen worden op de polikliniek. Het nadeel van een radicale ooroperatie is dat de holte zich vaak niet goed zelf kan reinigen, dat koud water en koude wind in het oor kunnen leiden tot evenwichtsklachten en dat de kwaliteit van het gehoor vaak minder is. De keuze voor wel of geen radicale ooroperatie hangt af van vele factoren. Meestal bespreekt uw KNO-arts deze keuze met u, maar het kan zijn dat de bevindingen tijdens de operatie bepalend zijn voor het maken van een keuze.

Omdat tijdens een sanerende ooroperatie microscopische resten cholesteatoom kunnen achterblijven of omdat cholesteatoom kan terugkomen kan het nodig zijn om na 9-12 maanden een tweede operatie te verrichten. Deze ‘second look’ operatie is bedoeld om te controleren of de ontsteking volledig weg is. De procedure wordt op dezelfde manier uitgevoerd als de eerdere operatie. Bij afwezigheid van cholesteatoom kan tegelijkertijd een gehoorverbeterende operatie worden uitgevoerd. Meestal gebeurt dit door het plaatsen van een (titanium) prothese die de gehoorbeenketen gedeeltelijk of geheel vervangt. De prothesen die worden gebruikt leveren geen problemen op bij eventuele latere MRI scans.

Steeds meer zal een MRI scan in staat zijn om te bepalen of er nog cholesteatoom aanwezig is in het oor. Op termijn wordt dan ook verwacht dat het aantal ‘second look’ operaties zal afnemen.

Wat zijn de risico’s

Aan alle operaties zit een risico. De risico’s van sanerende ooroperaties zijn echter zeer klein. Het hoort echter bij complete voorlichting om alle risico’s te noemen. Deze zijn: schade aan het binnenoor, soms met complete uitval van het gehoor en evenwicht tot gevolg (1%), schade aan de aangezichtszenuw met aangezichtsverlamming tot gevolg (zeldzaam), schade aan de smaakzenuw met een (meestal tijdelijke) verandering van de smaak als gevolg.

De risico’s van sanerende ooroperaties zijn klein en het risico van het laten voortbestaan van de oorontsteking is vele malen groter.

Hoe is de procedure rondom de operatie

Alle sanerende ooroperaties geschieden onder algehele narcose. De opnameduur in het ziekenhuis bedraagt twee dagen (inclusief de dag van operatie). U of uw kind komt op de dag van de operatie in het ziekenhuis. Het tijdstip waarop u op de afdeling dient te zijn wordt één werkdag van tevoren aangegeven door de betreffende verpleegafdeling. Op de afdeling wordt een markering aangebracht op het oor om te zorgen dat er geen verwarring ontstaat over de te opereren zijde. Uw KNO-arts spreekt u nog heel even voor de operatie. Deze ontmoeting is bedoeld om te controleren of alle gegevens compleet zijn en of er nog prangende vragen of onduidelijkheden zijn.

De anesthesieverpleegkundige brengt u naar de operatiekamer, alwaar wederom een controle van alle gegevens wordt uitgevoerd. De anesthesist brengt u onder narcose. De duur van de operatie hangt af van de uitgebreidheid van de ontsteking en bedraagt gemiddeld 3 uur. Soms wordt er wat haar achter het oor weggeschoren. Als u wakker wordt zit er een verband rondom het hoofd. Dit verband blijft zitten tot de volgende ochtend. Ondanks het verband is het mogelijk dat er wat bloed of wondvocht langs het gelaat komt. U kunt zich misselijk of duizelig voelen. Meestal worden medicijnen tegen de misselijkheid gegeven. Ook krijgt u pijnmedicatie. In de regel zijn er echter weinig pijnklachten na sanerende ooroperaties. Er wordt een gaastampon met antibioticumzalf achtergelaten in het oor. Deze ‘tampon’ blijft in de regel één week zitten tot aan de eerste controle op de polikliniek. De dag na de operatie zal het hoofdverband vervangen worden door een pleister. In de loop van de ochtend mag u naar huis. U krijgt enkele pleisters mee naar huis.

Na 1 week worden op de polikliniek de hechtingen en de tampon verwijderd. Verdere controles vinden plaats na 1 maand, na 3 maanden en na 1 jaar. De afspraken na 3 maanden en 1 jaar zijn inclusief gehoormeting. Afhankelijk van de bevindingen is een heroperatie met eventueel herstel van de gehoorbeenketen noodzakelijk na 1 jaar.

Wat kan en mag de eerste weken

We rekenen gemiddeld op 1 week rust en thuis (dus geen school en werk). Toch zal de wondgenezing meer tijd vergen (zo’n 6 weken) en het verdient aanbeveling om er voor zorg te dragen dat er geen grote druk en trekkrachten nabij het oor ontstaan. Dat wil zeggen: fysiek zware sporten (voetbal, fitness), zwemmen, zware lichamelijke arbeid (met veel tillen) en vliegen kunnen het beste 6 weken worden vermeden. Niezen kan het beste met open mond en de neus mag niet gesnoten worden. Ook dient het oor zo droog mogelijk te blijven. Tot aan het verwijderen van de hechtingen wordt afgeraden om de haren te wassen. Ook daarna mag er geen water in de gehoorgang komen. Dit kan bijvoorbeeld door het plaatsen van een plastic bekertje op het oor. Het plaatsen van watjes of oordoppen moet worden vermeden, omdat hierdoor ook druk wordt uitgeoefend op het operatiegebied.

Op de controles op de polikliniek kan aan de hand van de inspectie van het oor worden bekeken hoe de voortgang is in de wondgenezing en kunnen de ‘leefregels’ worden aangepast in overleg met uw KNO arts

Wat is normaal na een operatie

De eerste dagen (tot zelfs 2 weken) kan er wat bloederig vocht uit het oor lekken. Dit is volkomen normaal.

Het gehoor zal dof zijn en soms borrelt het in het oor. Dit heeft te maken met het feit dat de gehoorgang is afgesloten met een gaastampon.

Door zwelling rondom het oor kan ook het kauwen wat moeilijker gaan of pijnlijk zijn. Deze zwelling en de hiermee samenhangende klachten verdwijnen vanzelf.

Het oor kan de eerste weken wat afstaan door de zwelling achter het oor. Dit is onderdeel van de normale wondgenezing en de stand van de oorschelp zal vanzelf weer normaal worden.

De hechtingen achter het oor worden na 1 week verwijderd. Daarna mogen de haren weer gewassen worden. De gehoorgang moet echter droog blijven. Zie boven.

Wanneer moet u contact opnemen

  • Bij het ontstaan van koorts (rectaal gemeten lichaamstemperatuur van 38 graden celsius en hoger)
  • Indien er een grote/gespannen zwelling achter het oor zichtbaar is
  • Bij hevige duizeligheid met misselijkheid en braken
  • Indien er veel helderrood bloedverlies is waarbij de pleister na enkele minuten weer vervangen moet worden.

Meer informatie

Het is niet mogelijk om met deze voorlichting alle specifieke details te benoemen die per per patient kunnen varieren. Het kan zijn dat u na lezing van deze tekst nog specifieke vragen heeft, of dat u informatie mist. Hiervoor kunt u contact opnemen met een van de medewerkers op de polikliniek. Uw vraag wordt vervolgens met de operateur besproken.